Pas voor de klas... Maar voor hoelang?

Uitstroom startende leerkrachten

Ondanks het feit dat minister van Onderwijs Smet op 8 januari l.l. in het Vlaams Parlement deze cijfers nuanceerde door te stellen dat de retentiegraad in de andere beroepensectoren lager is, neemt niet weg dat elke leerkracht die het onderwijs verlaat er één te veel is…

VSOA Onderwijs pleit voor contract voor onbepaalde duur

Het VSOA Onderwijs heeft deze problematiek die trouwens almaar grotere vormen dreigt aan te nemen, al sedert geruime tijd en meermaals in de spotlight geplaatst. Wij erkennen zeer zeker alle oorzaken die in Klasse worden vooropgesteld; desalniettemin willen wij er toch op wijzen dat het gebrek aan werkzekerheid, meer en beter bekend als het “interimhoppen” ons inziens misschien wel de belangrijkste oorzaak is waarom startende leerkrachten het onderwijs al snel de rug toekeren.
Vanuit dit gegeven blijven wij herhalen dat een contract voor onbepaalde duur voor iedere beginnende leerkracht een conditio sine qua non is; des te meer het TADD-systeem (opbouwen van het recht op een tijdelijke aanstelling voor doorlopende duur) niet alleen achterhaald is, het is daarenboven ook behoorlijk ingewikkeld en ondoorzichtig voor wie pas in het onderwijs begint. Bovendien verhinderen sommige directies vaak op slinkse wijze, dat een leerkracht het recht op een tijdelijke aanstelling voor doorlopende duur verwerft. Ze doen dit door de persoon in kwestie die tijdelijk aangesteld is voor bepaalde duur net voor die TADD-gerechtigd wordt niet langer aan te stellen of zelfs te ontslaan. Blijkbaar zijn die directies van mening, dat een “vast” personeelslid minder kneedbaar is dan een tijdelijk personeelslid. Het hoeft dan ook geen verder betoog dat dit systeem zijn eigenlijke doel ver voorbij is geschoten.

Ondersteuning voor starters is noodzaak!

Dat naast het gebrek aan werkzekerheid ook de gevolgen van de praktijkschok een niet te miskennen oorzaak zijn voor de uitstroom is evident. Het gebrek aan ondersteuning en het soort werk dat men als beginnende leerkracht aangeboden krijgt, zijn daarvan concrete voorbeelden. Beginners staan vaak meteen voor stevige uitdagingen: in het basisonderwijs start een kwart de loopbaan in een combinatieklas. In het secundair onderwijs is de situatie niet anders: vaak krijgen nieuwkomers de moeilijkere klassen en komen ze zowel letterlijk als figuurlijk niet alleen tussen welpen, maar ook tussen heuse leeuwen te staan. Slechts één op de tien scholen plaatst een beginnende leraar bewust in een relatief gemakkelijke groep.

Kant en klare leerkrachten die meteen op alle fronten kunnen worden ingezet, worden door de lerarenopleiding nu eenmaal niet afgeleverd. Gezien enkel praktijkervaring - zelfs stages blijven een zekere kunstmatige situatie - hét middel bij uitstek is om aan starters de mogelijkheid te geven om de “stiel” te leren, zal men op korte termijn voluit moeten inzetten op ondersteuning. Men zal dus beginnende leerkrachten beter moeten omringen én nog meer ondersteunen. De vraag is of de overheid daar de nodige middelen wil en zal voor vrijmaken in acht nemende dat de mentoruren ter ondersteuning van starters in het onderwijs, die onder minister Vandenbroucke in het leven waren geroepen, met ingang van 1 september 2010 al te gezwind werden afgeschaft. Voor beginnende leraren is een goede begeleiding een belangrijke steun, die kan voorkomen dat ze na korte tijd het onderwijs de rug toekeren. Wij stellen ons dan ook de vraag of minister Smet of diens opvolger in de nabije toekomst nog de mensen zal vinden om zijn plannen te laten uitvoeren. Trouwens, het rapport van de commissie Monard stelt duidelijk dat geen enkele hervorming – hoe groot of klein die ook is – slaagkansen heeft, als er geen draagvlak voor bestaat bij de personen die ze moeten uitvoeren.

Campagne van Klasse is lovenswaardig, maar ook niet meer dan dat... 

De campagne die het onderwijstijdschrift Klasse heeft gelanceerd, is misschien lovenswaardig, maar ook niet meer dan dat… Bovendien durven wij ons zelfs de vraag te stellen of het aan een redactie van een tijdschrift toekomt om dergelijk initiatief te lanceren… Het VSOA Onderwijs is al langer vragende partij voor het opnieuw invoeren van het mentorschap op een effectief structurele basis en niet ad hoc zoals het vandaag sporadisch en in een aantal zeldzame scholen nog wordt toegepast. Dat de overheid het tot op vandaag heeft verzuimd om beginnende leerkrachten te ondersteunen en dat duwtje in de rug te geven die ze nodig hebben, zegt veel over haar daadkracht en beleidsvisie op lange termijn die ze almaar minder tentoonspreidt. Dit schuldig verzuim heeft immers tot gevolg dat inmiddels duizenden leerkrachten het onderwijs verbitterd, ontgoocheld en gedemotiveerd de rug hebben toegekeerd en ook nooit meer de stap terug zullen zetten.

Nochtans waren de problematiek van de uitstroom van starters in het onderwijs en het aantrekkelijker maken van het lerarenberoep an sich geen onbelangrijke issues in het loopbaandebat. Aangezien dit debat over de komende verkiezingen heen wordt getild naar een volgende regering, maakt dat deze problemen nog nijpender zullen worden. Tegen 2020 wordt een tekort van 17.000 leerkrachten voorspeld. Toch zou de overheid met een paar eenvoudige ingrepen al een eerste stap kunnen zetten… Een campagne van een onderwijstijdschrift mag misschien dan wel een morele ondersteuning betekenen; het effect zal onbestaande zijn als er van échte ondersteuning geen werk wordt gemaakt.

Marnix Heyndrickx
Secretaris-coördinator

Delen: