Goed onderwijsbeleid vraagt gedragen én doordachte maatregelen nà een correct én sociaal overleg

PERSBERICHT

Weyts’ partijgenoten Celis en Daniëls kantten zich tijdens de vorige legislatuur nog tegen het vervroegen van de vaste benoeming. Alleen al daarom is het voorstel van de minister van Onderwijs op zijn minst redelijk verbazingwekkend… Het feit dat er door dit voorstel op Vlaams niveau kan worden bespaard op de personeelskosten – de rekening inzake sociale bijdragen en het pensioen wordt getransfereerd naar het federale niveau – is daar allicht niet vreemd aan…

Voorrang aan correct, sociaal overleg

Voor het VSOA-Onderwijs is correct, sociaal overleg prioritair. Dat het voorstel aanvankelijk op slinkse wijze in het Programmadecreet, het decreet tot aanpassing van de begroting, was binnen geloodst, tartte veel, zo niet alle verbeelding… Het VSOA-Onderwijs is van mening, dat belangrijke ingrepen in het beleid daarin niet thuishoren, omdat ze een grondig, doordacht en voorafgaand debat vragen.

Dat minister Weyts het opnieuw nodig vond om het voorstel dan maar via de pers te lanceren, vinden wij dan ook uitermate betreurenswaardig. Uit de eerste reacties blijkt overigens, dat er binnen de Vlaamse regering zelfs niet echt een consensus  over het voorstel bestaat. Dit belooft dus weer vuurwerk tussen de regeringspartijen en dat zal zeker niet ten goede komen aan het initiële opzet van het voorstel.

Vervroegen vaste benoeming is maar één middel om lerarenberoep aantrekkelijker te maken

Het vervroegen van de vaste benoeming is ons inziens maar één van de middelen om het lerarenberoep  weer aantrekkelijker maken. Minister Weyts zet met zijn voorstel de voordeur wel wagenwijd open, maar vergeet echter de achterdeur te sluiten. Want zolang er eerst geen werk wordt gemaakt van werkbaar werk in het onderwijs, zal er met deze maatregel geen trigger worden gecreëerd om jonge mensen opnieuw voor het beroep van leraar te laten kiezen… Bovendien zal dit ook tot gevolg hebben, dat er meer geld zal moeten worden vrijgemaakt voor de aanvangsbegeleiding van startende leraren. Daarbij laten we nog in het midden of men daarvoor ook de nodige tijd zal kunnen vrijmaken.

Geen strengere, maar betere evaluatie

Het VSOA-Onderwijs vraagt zich ook af wat er exact moet worden begrepen onder een  “strengere evaluatie”. Het VSOA-Onderwijs is, net als de onderwijsverstrekkers, ervan overtuigd, dat de evaluatieprocedure een wezenlijk onderdeel is van een positief personeelsbeleid én een middel blijft om personeelsleden te motiveren. Feit is ook dat directies en evaluatoren vandaag al over alle nodige tools beschikken om een leerkracht te kunnen beoordelen.  Ons inziens moet er dan ook eerst én vooral voor worden gezorgd, dat zij de evaluatieprocedure correct én minutieus in de praktijk kunnen toepassen.

Wij ontkennen echter niet, dat er vandaag inderdaad enkele pijnpunten zijn inzake  de concrete uitvoering ervan. Zo wordt de evaluatieprocedure vaak bestempeld als “log”, “formalistisch” en “veel te zwaar”. Een herziening van de bestaande evaluatieprocedure op basis van deze pijnpunten en het auditrapport van het Rekenhof waarbij de nadruk op coaching, vermindering van planlast, mét behoud van rechtszekerheid voor de personeelsleden komt te liggen, lijkt ons dan ook meer aangewezen. Een “strengere” evaluatie is dus  voor niets nodig; een koppeling ervan aan de vaste benoeming al evenmin…

Marnix Heyndrickx
Voorzitter VSOA Onderwijs

 

Delen: